“Ze vinden me niet meer zo aardig sinds ik met de coaching begonnen ben!” Boos en teleurgesteld komen de zinnen eruit, als antwoord op de vraag hoe het huiswerk was gegaan dat ze na de vorige sessie had meegekregen. Ze is eind veertig en vastgelopen in zowat alles: de relatie gaat minder, op het werk is het chaos vindt ze en de kinderen gaan steeds vervelender doen. En zij dus ook – totdat ze zo tegen zichzelf aanliep dat ze besloot om te kijken hoe het roer om kon. Of beter, moest, want dit trekt ze niet nog jaren. 

In de vorige sessie hadden we het gehad over ons verstand en hoe die ons probeert tegen te houden als we (nieuwe) dingen willen doen. Want dat kan gevaarlijk zijn, tegenvallen, of roepen “dat gaat me toch niet lukken” etc. Dus ons verstand probeert ons veilig thuis te laten zitten – wel zo gemakkelijk. Het is daarom fijn om wat meer afstand te nemen van je verstand door het een naam te geven. Mijn verstand heb ik als koosnaampje Jul genoemd, zij vond Beppie een leuke naam. 

Tijdens de laatste sessie hadden we woorden en zinnen die voor haar gevoelig lagen en waarvan ze op tilt gaat achterhaald. Als huiswerk moest ze de afgelopen week opmerken wanneer zo’n woord of zin voorbijkwam en dan bewust iets totaal anders doen voordat ze erop zou reageren. Dus buiten haar Beppie-verstand om en niet alleen maar in haar gedachten. Ze had zelf iets mogen verzinnen om te doen als de woorden werden genoemd. Ze had gekozen voor het even ronddraaien van haar ring aan haar linkerhand. Ze hoefde niets te veranderen in haar doen en laten – de oefening draait er alleen om dat je je bewust wordt van de manier waarop je verstand op bepaalde woorden reageert, en dat je iets anders doet tussen het moment dat je het hoort en het moment dat je reageert.

De tweede thuiswerkopdracht (ja, ze moest hard aan de bak! 😉 was dat ze twee situaties moest opzoeken die ze lastig vond. En als Beppie voorbijkwam met allerlei advies en raad en achter elke boom een vijand ziet, dan moest ze daar gewoon eens lekker maling aan hebben en zich niets van aantrekken. Zij bepaalde deze week wat ze zou gaan doen, niet haar Beppie-verstand. 

Kennelijk was ze goed met het huiswerk aan de gang gegaan want anderen hadden gemerkt dat ze zich anders dan “normaal” gedroeg. En wat doen anderen dan – die vinden dat niet prettig, hún verstand roept: ‘gevaar, status quo wordt bedreigd, actie gewenst!’.  Ze gaan dus in de aanval in de hoop dat de ander gewoon in haar hok teruggaat en de rust weer weerkeert. Voor hen dan – want de ander wil dus niet meer in zijn hok zitten. 

Ik zeg dat hun reacties me niet verbazen. “Als je coaching doet betekent het dat je wilt groeien en veranderen, en dat betekent ook dat je relaties met iedereen om je heen mee veranderen. Jij reageert anders, en dus gaan zij ook anders reageren. Dat kan soms kort of lang frictie geven – of niet. En niet iedereen vindt de verandering fijn of kan meegroeien. Als je eenmaal een groeistap maakt, kan je niet meer terug. Coaching is ‘Oei, ik groei’ voor volwassenen zeg ik daarom ook wel” leg ik uit. Ze moet gelijk lachen, want dat boekje over groeispurten in de ontwikkeling van kleine kinderen heeft ze thuis liggen.

Ze vertelt dat ze op een ochtend in het bos tijdens een callwalk spontaan gek was gaan dansen toen het ging regenen – Beppie kon de pot op. En dat ze op zaterdagavond naar een vriendin was gegaan omdat ze dat echt graag wilde en behoefte aan had. Haar man en kinderen waren boos geweest want “ze was altijd thuis op zaterdagavond”. En dat ze dit doorzette ondanks de protesten was niet zo in goede aarde gevallen. Ze kijkt me vragend aan. Ik haal mijn schouders op en zeg nonchalant: “Tsja, dat was dus even wennen voor ze. Jammer dan. Was het gezellig?” Ze moet een beetje grijnzen, en zegt met pretogen: “Ja, we gaan het vaker doen.” Ik steek mijn duim op en zeg: “goed zo”. 

“Maar mijn man vindt die coaching dus niet zo geweldig”, zegt ze. “Hmm”, zeg ik, “misschien kun je hem er wat meer bij betrekken?” “Hoe dan?”, vraagt ze. “Nou”, opper ik, “je zou de thuiswerkopdrachten alle twee kunnen doen? Samen uit je comfortzone schept een band.” Ik denk even na en stel voor: “Een favoriete thuiswerkopdracht is om te douchen met yoghurt. Dat zou je samen kunnen doen als thuiswerk voor straks?” Ze begint keihard te lachen, en zegt “dat vindt hij misschien nog leuk ook!” Vol goede moed gaan we door met de sessie.

Ik krijg drie dagen daarna een berichtje: “We hebben samen gedoucht met chocoladevla. Hij is helemaal fan van de coaching!” En een smiley erachter met de slappe lach. Ik app een omhooggestoken duimpje terug.

Deze column is ook gepubliceerd in de Baarnsche Courant, Sectie Welzijn op 30 april 2021.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *