We spreken elkaar telefonisch om even bij te praten. Hij (sportieve, energieke veertiger met eigen bedrijf en gezin) kwam een paar weken geleden bij me voor stressklachten. Hij was “nogal een perfectionist en controle-freak” volgens hemzelf. Hij kon ook enorm in de piekerput belanden doordat allerlei gedachten met hem aan de haal gaan en steeds groter en alarmerend worden in zijn gedachten. Helemaal als het over zijn gezondheid gaat, dan wordt het in zijn gedachten al snel een drama van 112-niveau en, niet langs start maar gelijk door naar de hartbewaking. Een poosje terug was het helemaal mis gegaan, en na dit zoveelste valse alarm in het ziekenhuis moest het roer echt om wat hem betreft.

Ik had hem in de eerste sessie gevraagd om eerst echt goed uit te laten zoeken of de klachten nou inderdaad “slechts” door stress komen om 100% zeker te zijn dat er geen lichamelijke reden voor zijn klachten waren. Zeker omdat er hartklachten in zijn familie voorkomen. Deze check vond hij ook een goed idee. Hij was door de huisarts en de specialist 100% gezond verklaard, vertelt hij me opgelucht in een latere sessie.

Dus de afgelopen periode hebben we ons gefocust op hoe je het beste kan omgaan met die irritante (paniek)gedachten die voor zoveel stress zorgen. We zijn ingegaan op wat hij van zichzelf allemaal ‘moet’, en wat daar de gevolgen van zijn op de korte en lange termijn. Wat gebeurt er als je controle probeert uit te oefenen? Is dat überhaupt mogelijk of gooi je alleen maar meer olie op het vuur? Wat zijn nu eigenlijk gedachten en hoe serieus moet je ze nemen? Waarom raakt ons verstand zo snel in paniek? Als veel gedachten eigenlijk “valse alarmen” zijn die je ze het beste kunt negeren, hoe doe je dit dan?

Hij heeft na drie online sessies een behoorlijk aantal nieuwe oefeningen waardoor hij van een afstandje naar zijn paniek- en stressgedachten kan leren kijken. Onder andere doordat hij zijn verstand het koosnaampje ‘Bert’ heeft gegeven: Bert is vaak in paniek en die roept dan van alles tegen hem, het liefst dat hij nu toch echt snel doodgaat. Een manier om daarmee om te gaan is tegen Bert in gedachten te zeggen: “Nou Bert, je bent weer lekker bezig vandaag. Roep lekker maar ik besteed geen aandacht aan je.” En dan ga je gewoon door met wat je wil doen en merk je dat Bert vanzelf stopt, net zoals bij een dreinend kind. In het begin is het wennen en vooral veel doen. Het thuiswerk helpt daarbij want als je iets geautomatiseerd hebt trek je het snel uit je toverhoed als je het nodig hebt. Alleen iets doen tijdens een coaching sessie volstaat niet.

In het begin kunnen door coaching of therapie de stressklachten erger worden omdat je er anders mee leert omgaan: dan gaat je verstand (ofwel: Bert) heel erg aan de alarmbel trekken want het is niet gewend om genegeerd te worden. Dat had ik weliswaar een paar keer gezegd maar de paniek kwam op een avond heel hard binnen. Hij kreeg een heftige paniekaanval met alle toeters en bellen, “… om eigenlijk niets. ik probeerde echt het onder controle te houden maar de oefeningen werkten niet. En ik wist ook niet meer welke oefeningen ik kon doen eigenlijk. Ik kreeg het niet in de knip. Ik stond echt op het punt 112 te bellen en ga zo naar de huisarts,” vertelde hij me. Ik: “Wat ontzettend rot. Bert was behoorlijk bezig zo te horen. Hoor je trouwens dat je weer controle probeerde te krijgen over de paniek. Is dat mogelijk, weet je nog?”

Het is even stil aan de andere kant van de telefoon en dan hoor ik “Shit, ja, ik moet juist niet proberen het te controleren, dan maak ik het erger. Doe ik het weer.” Het kwartje viel hard – maar juist die kwartjes zijn heel nuttig. En iedereen leert anders. We nemen de geleerde tools door en hoe hij ze ook alweer had kunnen inzetten. De euro valt nu zelfs – we spreken af dat hij de komende tijd zelf gaat oefenen en spelen met de tools om anders met de paniek en stress om te gaan.

Ik houd vinger aan de pols. Als ik hem bel om even bij te praten zegt hij: “Ik merk dat het veel beter gaat. Ik heb veel minder werkstress. En, grappig voorbeeld: vorige week gingen we met vakantie en normaal doe ik vier dagen over het inpakken van de camper. Alles moet op een bepaalde manier en ik check alles vier keer. Nu was ik in een middagje klaar en vond ik het best. De buren vroegen me toen of het wel goed met me ging – dit waren ze niet van me gewend.” We moeten allebei lachen hierom.

“Hoe bevalt je dit?”, vraag ik dan. “Het leeft veel fijner” zegt hij opgelucht. We nemen afscheid. “Als je me nodig hebt, weet je me te vinden voor meer tools,” zeg ik ten afscheid. “Dat is fijn om te weten” zegt hij, “maar volgens mij kan ik het nu zelf.” En dat is precies wat ik graag wilde horen. Fijne vakantie!

Deze column is ook geplaatst op 23 juli 2021 in Sectie Welzijn van de Baarnsche Courant.

 Please Don’t sell My Artwork AS IS via Pixabay 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *